Rekenen
'Basisschool nog slechter in rekenen dan in taal',
kopte De Volkskrant op de voorpagina van de zaterdagkrant van afgelopen weekend. Dat het onderwijsniveau niet helemaal top is, was al bekend. Maar dat dit voorpaginanieuws is komt door een onderzoek door de Onderwijsinspectie. Ongeveer een kwart van de basisscholen krijgt een onvoldoende voor het rekenonderwijs. Er wordt relatief veel aandacht besteed aan het taalonderwijs, maar ook daar valt het kennispeil van leerlingen nogal tegen (pakweg 12 procent van de basisscholen schiet wat taalonderwijs betreft tekort). De cijfers over het taalonderwijs werden bekend gemaakt in een rapport dat dit voorjaar werd gepubliceerd, de definitieve cijfers over het rekenonderwijs worden binnen enkele weken wereldkundig gemaakt. De Onderwijsinspectie is met name kritisch op de manier waarop kinderen complexe sommen aangeboden krijgen, dit gebeurt vooralsnog door de overbekende verhaaltjessommen ('Jantje rijdt met zijn fiets van Alkmaar naar Heerhugowaard. Halverwege ontdekt hij dat hij zijn schooltas is vergeten en rijdt via de supermarkt naar huis om zijn tas te halen en keert dan weer schoolwaarts. Hoe ver heeft Jantje gereden?'). Wat kon mij het schelen hoe Jantje reed? Ik had een hekel aan verhaaltjessommen.

Lees verder >>


Ik vond de sommen al ingewikkeld genoeg, en had geen zin om afgeleid te
worden door taal. Ik begon namelijk inhoudelijk te redeneren ('waarom
leent Jantje niet gewoon een boek van zijn leraar / waarom belt Jantje
niet even naar huis en faxt (het waren de jaren '80) mam de opdracht
door / kan Jantje niet met zijn klasgenoot meelezen / waarom gaat
Jantje via de supermarkt?'). Ik kreeg liever gewoon een som. Want in
taal was ik al goed, en in redeneren ook. Mijn taaltalent leek me te
misleiden: als ik nu maar het tekstje begreep, zou ik als vanzelf de
som snappen. Helaas. Ik
vond Jantje maar een sufferd zonder al teveel streetwise oplossend
vermogen. Deed ik veel beter (kinderlijke arrogantie), dus waarom die
som oplossen? En zo droomde ik weer verder over m.i. veel
interessantere zaken, zoals de laatste Star Wars-film, het schoolfeest,
mijn tien voor dictee en mijn nieuwe rollerskates.

De Onderwijsinspectie blijkt het na pakweg vijfentwintig jaar met me
eens te zijn. In De Volkskrant staat dit weekend te lezen: “Door over
verschillende oplossingsstrategieën na te denken (reflectie) en erover
te praten, moet de leerling tot begrip komen. Critici vinden dit de
waanzin ten top: verhaaltjes dwingen tot lezen, niet tot rekenen. En
kinderen raken alleen maar verward door de verschillende strategieën.”

Uiteindelijk is het wel goed gekomen met mij-en-de-verhaaltjessommen in
mijn dagelijks leven. Ik kan prima kilometers en liters benzine
schatten, bedragen omrekenen, routes plannen en tijden inschatten. Maar
die vaardigheden kwamen pas op het moment dat ik de getallen abstracter
kon beschouwen. Appeltje-eitje.

"Kunnen we niet een rekenmethode ontwikkelen die kids op een concrete
manier met rekenen om laten gaan, zonder ze al teveel te intimideren?
Eerst de basics, daarna pas toepassen in uit het leven gegrepen
situaties?"
bedacht ik me. Ik zocht en vond wat leuke experimenten wat dat betreft (zie onderstaande links). Ik ben geen onderwijskundige, maar ik herinner me zelf wel
de afleidende werking van de verhaaltjes. Misschien is het handiger
gewoon steviger in te zetten op de hardcore cijfers, en leerlingen wat
meer abstract te leren denken. Daar hebben ze in het voortgezet
onderwijs meer profijt van. Kunnen we (voel je vooral aangesproken)
niet een innovatieve rekenwiki opzetten, met alternatieve ideeën,
methodes en experimenten voor de  zg. 'realistische methode, zoals
verhaaltjessommen ook wel worden genoemd?

Ik hoor het graag. Ook als je er volstrekt anders over denkt. Steek ik wellicht ook weer iets van op.

Weblinks