Op mijn laatste vakantiedag (ach ja) vertelde ik op Twitter dat ik een beetje moe was van de vele oproepen om toch vooral naar iemands corporate website te gaan (voor informatie, aanbiedingen etc.). Ik word er een beetje moe van omdat ik erin geloof dat bedrijven er goed aan doen om zich te begeven waar de doelgroep zich bevindt. En dat is vaak op sociale platforms als Twitter, LinkedIn en Facebook. Ik geloof dat als je actief bent op plekken waar degenen zijn die je wilt bereiken, dat zij dan vanzelf wel naar je website toe gaan.

Ik bedoel dus dat het gebruik van sociale media het verkeer naar je website kan versnellen en versoepelen. En ook nog eens effectiever kan maken. Want als je op de plekken waar je zelf verblijft (laten we voor het gemak Twitter als voorbeeld noemen) wordt geconfronteerd met informatie die wel eens heel interessant voor je zou kunnen zijn (een project, een professional, een nieuwtje, een koekjesrecept, whatever) en er staat een verwijzing naar een webadres bij, dan ligt het voor de hand dat je op de website gaat vinden wat je zocht: je hebt er namelijk al een voorproefje van gekregen op Twitter. En waarschijnlijk ook nog van iemand wiens mening je op waarde schat. Dat is dus anders dan zoeken naar een professional of koekjesreceptmaker via bijvoorbeeld de Gouden Gids of Google. Dus mijn tweet was niet bedoeld als een soort statement in de richting van 'de website gaat dood, want we hebben sociale mediaplatforms'.

Maar zo is deze dus wél opgevat op Twitter. Wel, het is dus NIET wat ik bedoelde. Maar ik kan me ook voorstellen dat een korte tweet ruimte overlaat voor interpretatie (daarom dus maar deze uitlegparty. ;-)). Is dus niet erg: dat is nu eenmaal het gevolg van korte berichten. Die kunnen soms nét niet scherp genoeg zijn of door het statement-achtige karakter misverstanden doen ontstaan. No biggie. Vandaar deze blogpost. 

Websites zullen voorlopig wel blijven bestaan. En ook nog wel een hele tijd. En ik denk dat dat ook prima is. Sterker nog: als communicatieadviseur weet ik uiteraard dat voor verschillende boodschappen en toonzettingen uiteenlopende media effectief zijn. Ik vind in ieder geval NIET dat ik mijn eigen website zou moeten opdoeken omdat ik toevallig al op Twitter zit. Er staat informatie op mijn site die ik waardevol acht voor mensen die ernaar op zoek zijn. Er is ook goed nagedacht over de informatiesoorten en toonzetting die ik hanteer op de site. Zoals (als het goed is) iedere zichzelf respecterende organisatie met een website dat heeft gedaan. 

Wat is WEL bedoelde is dat de VRAAG 'bezoek onze website op www.[websitenaam].nl' soms wat vermoeiend en (excusez le mot) mutsig kan overkomen. Ik denk dan: zeg wat je wilt zeggen in je advertentie, tweet, Facebookprikborddingetje of gedrukte nieuwspagina en plaats er een linkje bij. De actieve vraag hoeft niet gesteld te worden. Als je aangeeft wat men kan vinden en is vraag naar, dan komt men echt wel naar die site. Het is m.i. niet voldoende om alleen maar te zeggen 'Kijk, dit zijn wij'. Het is handiger (en zelfs socialer in mijn perceptie) om deze boodschap aan te vullen met een context. Dus in plaats van 'Kijk, we zitten ook op internet, je kunt hier onze site vinden! (lees: kijk eens mama, zonder handjes!)' eerder iets als 'De handigste tips en trucs voor het bakken van de lekkerste koekjes vind je HIER (linkje)'

Ook het aanleggen van slimme cross-referencing vind ik van belang voor corporate websites. Twee richtingen uit verwijzen naar bronnen (corporate site <--> sociale mediaplatforms). Gaat m.i. ietsiepietsie verder dan het plaatsen van een LinkedIn-, Facebook- en Twitterbutton, maar meer richting integratie van informatiesoorten en actualiteiten en toevoeging van personalisatie van informatie per bezoeker. Op relevantie.

Maar als het onderwerp 'Gaat De Website As We Know It Dood' toch is genoemd: ik schreef op 9 augustus 2007 (gunst, vier jaar geleden alweer) op dit blog het artikel 'Geek talk: wat is de toekomst van corporate websites?'. Daarin stelde ik onder andere:

 

"Corporate websites zullen dus, zoals ik eerder al schreef, meer geïntegreerede features krijgen, en meer gericht zijn op interactie tussen doelgroepen en dienstverleners. Ik kan me ook voorstellen dat de komende jaren steeds meer webstrategen bij bedrijven gaan werken, om een perfecte mélange van webtoepassingen te integreren in de corporate website. En misschien, just maybe, hebben we het over een aantal jaar niet meer over corporate websites, maar eerder iets in de geest van 'corporate platforms', die naar de wens van de klant (= koning) op maat gemaakt wordt. Je ziet wat je wenst. Eigenlijk een soort van iGoogle, maar dan voor corporate sites."

Dus dames en heren: de website zal er wat mij betreft nog wel even zijn. Maar hey. Ik ben ook maar ik.
Enneh, don't bite my head of over one tweet. Eerst checken of ik bedoel wat je dénkt dat ik bedoel is ietsje liever. Zal ik mijn best doen om nóg helderder te twitteren (oh jee, be careful what you wish for...). 

:-)