Wachten
Stress bij het wachten in een rij. Ik denk dat we het allemaal wel eens hebben. Als we 'alwéér in de verkeerde rij' staan te wachten in de supermarkt. Die ene dame met halfleeg mandje bleek alles met eurodubbeltjes af te rekenen en – oh jee! - ook nog de flessen vergeten in te leveren. “Vindt u toch niet erg hè, als ik nog even naar de emballage hol...” Nee hoor. Niet erg. Maakt het uit. Als je kids maar niet op de stoep staan bij de opvang. Of erger. Je kent het wel.


Vandaag stond ik in een lange, lange supermarktrij te wachten.
Ineens zei een medewerkster van de winkel (die ik overigens niet zag,
ik hoorde het haar zeggen): “Kassa zeven gaat ook open!” Als mak vee
draafde ik naar kassa zeven. Toen ik mijn boodschappen op de band
zette, bekroop me een enge gedachte. De kassajuf zat nog niet op haar
plaats. Het zou toch geen...grapje zijn geweest? Vergelijkbaar met de
man die kordaat de treindeuren open slaat en roept 'Goeoeoedemiddag!”
waarop menigeen slaafs naar zijn of haar treinkaartje graait. Om er
vervolgens achter te komen dat de beste man geen conducteur is, slechts
een grol uithaalde en opvallend slechts iedereen groette. Daar zit je
dan, met je treinkaartje. Ik was heel even bang dat ik even later weer
achteraan de rij kon aansluiten.

Iphone
Ik vond mijn gedachte maar vreemd. Zo ongeveer iedereen vindt wachten
in 'de verkeerde rij' storend. Daar maak je geen grapjes over. Als
supermarktslaven blijven we toch solidair met elkaar, nietwaar. Waarom
achtte ik de gedachte dat iemand een grap wilde uithalen dan reëel? Eén
associatie verder wist ik het. Vanavond sluit ik aan in de wachtrij
voor The Holy iPhone. Die rij is hopelijk lief, solidair, gezellig en
vol Apple-anekdotes en geeky grapjes. “Kassa zeven gaat open!” horen,
vervolgens je rij uitstappen en ontdekken dat kassa zeven niet bestaat,
hoort daar niet bij. Acht bewakers en dranghekken wel. Het wordt vast
geweldig.

Zal ik een krukje meenemen, een pakje Apple-sap en een mueslireep? Het zal een latertje worden. May The Phone Be With Us.